Julius Minnaar, CEO Universal Media
Ik ben een krantenlezer. Al vanaf mijn dertiende en daarmee schijn ik een wat atypisch profiel te hebben. Ik lees zo graag ’s ochtends de Volkskrant dat ik er eerder voor opsta en goed chagrijnig ben als die er om 06.30 uur nog niet is. Komt gelukkig niet vaak voor, maar toch.
Uiteraard is het mij niet onbekend dat in de loop der jaren minder mensen een krant zijn gaan lezen en dat uitgevers moeite hebben tieners, twintigers en zelfs al dertigers aan zich te binden. Dat is echter aan mij persoonlijk allemaal voorbij gegaan. Uit onderzoek blijkt en uit mijn omgeving hoor ik de argumenten om geen krant te nemen: geen tijd, ik lees het wel op internet, te duur. In mijn ogen allemaal magere argumenten. Tijd is weliswaar een vrij subjectief begrip maar de informatievoorziening op internet heeft vaak niet de diepgang van een krant. En bovenal wil ik niet in alle vroegte op allerlei sites op zoek gaan naar het nieuws van de dag. Ik wil verrast worden door de veelheid en compactheid aan onderwerpen in een krant. Iemand met verstand van zaken (althans daar ga ik vanuit) heeft voor mij de belangrijkste zaken in het nieuws, de economie, sport en kunst geselecteerd en dat vind ik erg prettig. Vooral ’s ochtends vroeg.
Te duur is een interessant argument. Een uur ‘vermaak’, of het nu een film huren, een game of boek kopen of een dagje pretpark is, kost ongeveer € 2,50 per uur. Een krantenabonnement kost ongeveer € 0,85 per dag en daarvoor kun je uren lezen al beperk ik me tot ongeveer 35 minuten, zoals de meeste krantenlezers. Ik vind de krant dus relatief goedkoop, vooral vanwege het feit dat deze zes ochtenden per week in alle vroegte aan huis wordt bezorgd.
Tariefstelling is in ons vak een onuitputtelijke bron van discussie. In mijn tijd als commercieel directeur bij PCM had ik een interessant dispuut met de uitgever van NRC Handelsblad. Hij wierp de vraag op of de advertentietarieven niet verdrievoudigd konden worden. Zijn uitdagende redenatie was dat hij zo’n uniek product verkocht, met dito lezersgroep (hoogopgeleid, koopkrachtig, beslissers in het bedrijfsleven), dat bepaalde adverteerders zonder problemen in zijn krant wilden adverteren. Bijna ongeacht de prijs. Dit was ik niet met hem eens. Zijn product, de krant NRC Handelsblad, is inderdaad uniek maar zijn bereik niet. NRC-lezers kijken ook naar de publieke omroep, zitten ook op internet en lezen zelfs gratis kranten. Voor adverteerders zijn dus genoeg andere en kostenefficiëntere kanalen beschikbaar om ‘de’ NRC-lezer te bereiken. En adverteerders en mediabureaus kennende; dat gaan ze ook doen! Vanwege de uniekheid van zijn product gaf ik hem wel in overweging de abonnementstarieven te verdrievoudigen. Dit is overigens nog niet gebeurd.
Nu moet ik eerlijk zeggen dat ik als abonnee heel erg zou moeten slikken als de tarieven verdrievoudigd zouden worden. Maar een verhoging met een procent of vijftig zou ik waarschijnlijk toch accepteren. Ik heb ook nog € 1,28 per dag over voor mijn krant. De enige voorwaarde die ik zou stellen is dat hij dan echt nooit later dan 06.30 uur in mijn bus mag liggen. En dat vanaf de publicatie van deze column geen gedifferentieerde abonnementstarieven worden ingevoerd.
11 06 2009
